DAAROM

Sahra Awad

‘DIT IS MIJN ROEPING’

Tekst Eva Prins Beeld Jeannette Schols

Sahra Awad is cliëntondersteuner in Amstelveen. Zeven dagen per week zet ze zich belangeloos in voor met name statushouders wie rechten worden geschonden. ‘Ik zie veel uitbuiting.’

Wat is jouw verhaal? 

‘Op mijn veertiende ben ik vanuit Somalië naar Nederland gekomen met mijn moeder en vijf broertjes en zusjes; ik ben de oudste. Ik heb een mbo-opleiding in boekhouden gedaan en een cateringbedrijf gehad. Daar ben ik mee gestopt om meer tijd te hebben voor mijn twee kinderen, inmiddels twintig en achttien jaar.’ 

Hoe kwam je bij de FNV? 

‘Een paar jaar terug wilde ik weer werken en meldde ik me bij Vluchtelingenwerk aan als vrijwilliger. Toen ik met een cliënt meeging naar de Voedselbank, ontmoette ik daar Wil Roode. Zij introduceerde me bij de SP Hulpdienst en bij de FNV. Vervolgens ben ik daar ook vrijwilligerswerk gaan doen.’

Wat doe je bij de bond? 

‘Of het nou voor Vluchtelingenwerk, voor de SP Hulpdienst of voor de FNV is, de kern is: cliëntondersteuning. Ik doe wat nodig is om mensen te ondersteunen. Ik wijs ze de weg, help met formulieren en instanties en vertel ze over hun rechten en plichten. Vaak ga ik mee naar gesprekken. Alles bij elkaar is het meer dan fulltime werk, maar dit is mijn roeping. En al word ik veel tegengewerkt door de gemeente en instanties hier in Amstelveen, ik zal niet stoppen.’ 

Wat motiveert je in dit werk? 

‘Toen ik me bij Vluchtelingenwerk meldde, was mijn motivatie: ik wil dat andere vluchtelingen niet hoeven mee te maken wat mijn moeder en heel veel anderen hebben meegemaakt. Mijn moeder is een hoogopgeleide vrouw, ze spreekt meerdere talen en had in Somalië een eigen bedrijf. Hier werd ze echter als een kind behandeld en als profiteur: iemand die uit Afrika naar Nederland komt om geld te halen. Ze wilde dolgraag werken, maar ze kreeg alleen onbetaald werk aangeboden. Ze werd er ziek van.’ 

Is het nu beter? 

‘Nee, helaas zie ik hetzelfde nog steeds gebeuren. Niet alleen met statushouders, maar met alle uitkeringsgerechtigden. Ze worden als minderwaardig gezien en vaak respectloos behandeld. Ook zie ik veel uitbuiting. De meesten willen dolgraag aan het werk in hun vakgebied en uit de uitkering, maar ze worden rondgepompt in een carrousel van tijdelijke – vaak onbetaalde – baantjes. Daarnaast krijgen hun kinderen een laag schooladvies. Dat alles veroorzaakt veel stress en angst. Het is mijn roeping om die weg te nemen. Dat doe ik door naast ze te gaan staan. Ik wil dat deze mensen een waardig bestaan kunnen opbouwen in Nederland, dat ze erbij horen en zich welkom voelen.’

Deel deze pagina