PARTICIPATIEWET

LEVENSLANG GEVANGEN IN DE BIJSTAND

Tekst Eva Prins Illustratie Maarten Wolterink

‘HET VOELT BENAUWEND, ONEERLIJK EN HEEL UITZICHTLOOS’

Mensen met een chronische ziekte of beperking die geen uitzicht hebben op herstel, horen niet in de bijstand. Voor hen is de werkloosheid immers niet tijdelijk. De FNV trekt samen met deze mensen ten strijde voor een ‘passend vangnet.’ ‘We zijn al te lang een stille en vergeten groep.’

‘Benauwend, oneerlijk en heel uitzichtloos’, zo ervaart Lianne (27) haar positie als chronisch zieke in de bijstand. Lianne lijdt aan een zeldzame auto-immuunziekte waarvoor ze al vanaf hele jonge leeftijd prednison- en chemokuren krijgt. Die hebben echter ernstige bijwerkingen: hormonale aandoeningen, veel zenuwpijn en heftige migraineaanvallen.

NOOIT PIJNVRIJ

‘Vanaf mijn vijftiende begonnen de klachten te stapelen’, vertelt ze. ‘En eigenlijk ben ik sindsdien geen dag meer pijnvrij geweest.’ Tientallen operaties heeft ze inmiddels ondergaan, waaronder herstel­operaties omdat de ziekte ook leidde tot een verminkt gezicht. Toch wist ze het vmbo af te ronden, volgde ze een aantal opleidingen en had ze verschillende banen. Maar telkens ging het mis vanwege gezond­heidsproblemen. ‘Ik moest mezelf uiteindelijk bijna elke dag injecteren tegen de migraine om te kunnen functioneren.’

LEVENSLANG

Nu zit ze in de bijstand, sinds vier jaar. Maar daar hoort ze niet, vindt ze zelf, en dat vindt ook de FNV. ‘De gedachte achter de Participatiewet is dat mensen zo snel mogelijk aan het werk moeten. Maar voor veel mensen met een beperking of chronische ziekte is dat niet realistisch. Het gevolg is dat zij niet alleen permanent een laag inkomen hebben, maar ook te maken krijgen met alle strenge regels van de Partici­patie­wet’, zegt vicevoorzitter Kitty Jong. ‘Samenwonen, sparen, een gift of erfenis ontvangen wordt in de Participatiewet bestraft. Voor deze mensen is de bijstand geen tijdelijk vangnet maar een levenslange en uitzichtloze situatie.’

GESTRAFT

De Wajong was voor Lianne passender geweest; ze is immers al van ver voor haar achttiende chronisch ziek. Vanwege haar studie- en werkverleden, werd haar echter meermaals afgeraden om een Wajonguitkering aan te vragen: door het UWV, de gemeente en ook door haar ambulant begeleider. En inmiddels is de Wajong (sinds 2015) zo goed als afgeschaft: alleen wie voor zijn of haar achttiende volledig en duurzaam arbeidsongeschikt is, komt er nog voor in aanmer­king. Met andere woorden: Lianne is eigenlijk gestraft voor haar inzet en doorzettingsvermogen om ‘gewoon’ te studeren en te werken.

DRIE GROEPEN

En zoals Lianne zijn er duizenden mensen met een chronisch ziekte of beperking die aangewezen zijn op een bijstandsuitkering terwijl ze niet (volledig) kúnnen werken. In de publicatie ‘Passend vangnet gewenst’ onderscheidt de FNV grofweg drie groepen. Ten eerste de mensen voor wie de WIA tekortschiet, zoals de zogenoemde 35-minners. Dit zijn mensen die bij de WIA-keuring voor minder dan 35 procent zijn afgekeurd. Zij krijgen geen WIA-uitkering. Het idee is dat zij bij hun oude werkgever, al dan niet met aangepast werk, in dienst blijven, maar in de praktijk komen ze vaak op straat te staan, en vervolgens na de WW-gerelateerde periode in de bijstand. En ook mensen met een WIA-percentage van 35 tot 80 procent die door het bestaansminimum zakken omdat ze bijvoorbeeld parttime hebben gewerkt voordat ze in de WIA kwamen, komen (deels) in de bijstand. Ten tweede: jongeren met een beperking of chronische ziekte die sinds de invoering van de Participatiewet in 2015 geen recht meer hebben op een Wajonguitkering en ten derde: de mensen die ernstig ziek zijn geworden terwijl ze al in de bijstand zaten.

Lianne: ‘Ik zou heel graag wat meer financiële ruimte hebben’

Francisca: ‘Mensen met dezelfde medische situatie in de WIA hebben al die beperkende regels niet’

NOODLOT

Francisca (41), moeder van twee puberzoons, hoort tot die laatste groep. Vanuit de bijstand was ze druk bezig een eigen bedrijf in vegan cosmetica en verzorgingsproducten op te zetten, toen in 2018 het noodlot toesloeg: ze kreeg een slagaderlijke hersenbloeding. Dat ze het heeft overleefd, is een klein wonder. ‘Maar daarna kon ik niks meer’, vertelt ze. ‘Eigenlijk was ik een kasplantje.’ Ze moest alles opnieuw leren: lopen, praten. Tweeëneenhalf jaar is ze uiteindelijk aan het revalideren geweest; ze is net 'klaar'. Ze loopt en praat weer, maar heeft blijvend hersenletsel en zal tot haar grote verdriet waarschijnlijk nooit meer helemaal onafhankelijk van hulp worden. ‘Menig bejaarde is gezonder en fitter dan ik. Dat is heel confronterend. Ik had zoveel plannen en wil net als iedereen liefst zelfstandig en onafhankelijk zijn en gewoon meedoen in de samenleving. Dat dat niet meer gaat, vind ik heel moeilijk om te accepteren.’

ONEERLIJK

‘Het kan iedereen overkomen’, zegt Francisca. ‘En dat is al vreselijk genoeg. Maar als je in de bijstand zit, komt daar nog bij dat je bijvoorbeeld de rest van je leven niet kan samenwonen, want dan raak je je uitkering kwijt. En als mijn oudste zoon straks 18 wordt, gaat hij noodgedwongen bij zijn vader wonen. Blijft hij bij mij, dan word ik gekort op mijn uitkering.’ Nog los van het lage inkomen, zijn het met name deze strenge regels en restricties in de Participatiewet die heel onterecht en oneerlijk voelen, zegt ze. ‘Mensen met dezelfde medische situatie met een WIA-uitkering hebben die beperkende regels niet.’

En het ergste vindt ze het bijna nog voor haar kinderen. ‘Hoe moet ik hen een beetje een financiële basis meegeven? Sparen is onmogelijk en giften of een erfenis mag ik niet ontvangen. De jongste zit in 3 vwo, kan hij straks studeren? Dat zijn veel zorgen die je er nog eens bijkrijgt.’

ZORGEN

Ook Lianne maakt zich zorgen. ‘Ik zou zo graag meer financiële ruimte hebben om de reizen naar mijn specialisten te kunnen bekostigen, of eens naar vrienden of familie te gaan’, zegt ze. Ook zou ik heel gelukkig worden van een keer op vakantie, of alleen maar een weekendje weg. Maar ik zou niet weten waar ik het geld vandaan moet halen - en giften mag ik niet aannemen. Laat staan dat ik een crowdfundingsactie op mag zetten voor de medische behandeling in het buitenland die ik heel graag wil ondergaan. Terwijl, in de Wajong mag dat allemaal wel. Ik weet dat het niet mijn schuld is’, zegt ze geëmotioneerd, ‘maar soms voelt het wel zo, dan neem ik het mezelf kwalijk dat ik mezelf dat niet kan geven.’

JE UITSPREKEN

Beide vrouwen willen echter niet bij de pakken neerzitten. Fransisca is oprichtster van de Facebookgroep Concept Nederland, een lotgenoten- en actiegroep ineen die pleit voor een eerlijkere en passender regeling voor mensen met een chronische ziekte of beperking in de bijstand. ‘We bestoken Kamerleden met mailtjes’, zegt ze. ‘We zijn al te lang een stille en vergeten groep geweest.’ Ook Lianne is lid van de – besloten – groep. ‘Als je niets meer te verliezen hebt, en het je emotioneel zo aangrijpt, kan je nog maar één ding doen’, zegt ze: ‘Je uitspreken.’

VERBETERVOORSTELLEN

Ze zijn blij dat de FNV hen steunt bij hun strijd. In het boekje ‘Passend vangnet gewenst’ doet de bond, samen met een groot aantal belangenorganisaties en activisten een oproep aan een nieuw kabinet voor wetgeving die uitgaat van erkenning voor hun levenslange beperking en ruimte om zich op persoonlijk, sociaal en financieel gebied te ontplooien.’ Concrete verbetervoorstellen zijn onder andere: verlaging van de ondergrens voor de WIA van 35 naar 15 procent en een nieuwe regeling rond werk en inkomen (De Ideale Wajong) voor mensen die al vanaf hun jeugd een arbeidsbeperking hebben.

En mensen die al in de bijstand zitten en die te maken krijgen met een chronische ziekte of arbeidsbeperking moeten in elk geval vrijstelling van de sollicitatieplicht kunnen krijgen en een vergoeding van eventuele hoge zorgkosten. Ook moeten zij kunnen sparen, erven en giften ontvangen. Fransisca: ‘Het is al erg genoeg om ziek te zijn, we hebben toch op z’n minst nog wel recht op een beetje menswaardig bestaan?’

Het boekje ‘Passend vangnet gewenst’ (pdf) bevat veertien ervaringsverhalen, waaronder die van Lianne en Fransisca, de visie van deskundigen op de Participatiewet én oplossingen. Eind juni is de publicatie aangeboden aan Tweede Kamerleden die aansluitend op een zonnig Plein in Den Haag in gesprek gingen met de mensen om wie het gaat.

Deel deze pagina